Pijnartsen roepen op tot nationaal plan

Bijna 3 miljoen Belgen lijden aan chronische pijn. De menselijke, sociale en economische impact daarvan wordt geraamd op meer dan 5 miljard euro per jaar. In een persbericht vragen de Vlaamse Anesthesiologische Vereniging voor Pijnbestrijding (VAVP) en de Belgische Beroepsvereniging van Artsen-Specialisten in Anesthesie en Reanimatie (APSAR-BSAR) aan de federale en regionale overheden om een nationaal pijnplan uit te werken, waarbij algologen nauw betrokken worden bij de besluitvorming.

Volgens de verenigingen blijft chronische pijn “een van de meest voorkomende en tegelijk meest onderschatte gezondheidsproblemen in België”. Ze wijzen erop dat België in 2022 1,1 miljoen gezonde levensjaren verloor door ziekte. Lage rug- en nekpijn waren daarbij respectievelijk de tweede en vierde grootste oorzaak.

“Chronische pijn is geen individueel probleem, maar een grote maatschappelijke uitdaging met aanzienlijke menselijke en economische gevolgen. België verdient een gestructureerde aanpak en wij willen daar ten volle aan bijdragen”, zegt dr. Nico Blyaert, voorzitter van de VAVP.

Beide organisaties benadrukken ook dat meer dan de helft van de Belgische patiënten met chronische pijn vindt onvoldoende zorg te krijgen. Ze wijzen erop dat verschillende landen, waaronder de Verenigde Staten, Australië en het Verenigd Koninkrijk, al over een nationale strategie rond chronische pijn beschikken.

Het persbericht verwijst ook naar een rapport dat begin 2026 werd gepubliceerd door het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE). Daarin worden “structurele lacunes” vastgesteld in de organisatie van de zorg voor chronische pijn en worden negen actiedomeinen voorgesteld, onder meer rond coördinatie en governance.

De verenigingen verdedigen daarnaast het principe van “less is more”, dat al wordt toegepast in internationale therapeutische protocollen waaraan ook Belgische specialisten meewerkten. Volgens hen gaat het er niet om meer interventies uit te voeren, maar wel om “de juiste behandeling voor de juiste patiënt op het juiste moment” te garanderen.

De VAVP waarschuwt tegelijk voor een volgens haar al te restrictieve budgettaire benadering. De vereniging stelt dat de gemiddelde kostprijs van interventionele pijnbehandelingen 284 euro per patiënt per jaar bedraagt, en vreest dat een beperking van de toegang tot die behandelingen de kosten zal doorschuiven naar zwaardere ingrepen, arbeidsongeschiktheid of een groter gebruik van opioïden.

“Besparen op pijnzorg verlaagt de zorgkosten niet. Het betekent een verschuiving naar arbeidsongeschiktheid, opioïdengebruik en de sociale zekerheid. Dat is geen efficiëntie, maar een factuur die wordt doorgeschoven naar morgen”, aldus dr. Nico Blyaert.

De beroepsverenigingen wijzen ook op wachttijden die in sommige gespecialiseerde centra kunnen oplopen tot twaalf maanden. Volgens hen wijst die situatie eerder op een capaciteitsprobleem dan op een overaanbod aan behandelingen. Ze menen bovendien dat die lange wachtlijsten de opkomst bevorderen van privécentra buiten het ziekenhuis, waar patiënten hun behandeling zelf moeten financieren zonder terugbetaling. Gezien het gemiddelde sociaaleconomische profiel van patiënten met chronische pijn noemen de VAVP en APSAR die evolutie “noch wenselijk, noch rechtvaardig”.

Het gevraagde nationale pijnplan moet volgens de VAVP en APSAR verder gaan dan een louter curatieve aanpak. De verenigingen pleiten voor een preventief luik met aandacht voor lichaamsbeweging, mentale gezondheid en voeding, evenals voor een grotere betrokkenheid van de eerste lijn en huisartsen bij de vroegtijdige opsporing van risicopatiënten.

Ze vragen ook dat multidisciplinaire zorg de norm wordt, met een gestructureerd biopsychosociaal model waarin pijncentra, huisartsen, neurochirurgen, orthopedisch chirurgen, specialisten in de fysische geneeskunde, kinesitherapeuten en psychologen samenwerken.

Tot de eisen behoren ook de officiële erkenning van de algologie als medische specialisatie, de invoering van een specifieke nomenclatuurcode voor consultaties in de algologie en een federale én regionale coördinatie van het pijnbeleid.

“Een nationaal pijnplan is geen luxe, maar een noodzaak. Niet alleen voor de patiënten, maar voor de hele samenleving”, zegt dr. Nico Blyaert.

De verenigingen wijzen tot slot op de resultaten die de pijngeneeskunde in België volgens hen heeft geboekt. Zo zou het aandeel patiënten dat door pijn sterk beperkt wordt in het beroepsleven in Vlaanderen gedaald zijn van 34 naar 27 procent, terwijl het in Wallonië stabiel bleef. Ze benadrukken ook de impact van gespecialiseerde zorg op het terugdringen van het gebruik van opioïden.

De VAVP voegt eraan toe dat momenteel overleg loopt met het RIZIV over regionale verschillen die werden vastgesteld in bepaalde behandelingspraktijken. Een eindrapport wordt verwacht tegen 30 juni 2026.

“Wij willen een debat openen dat al veel te lang op zich laat wachten en soms te eenzijdig en stigmatiserend wordt gevoerd. België verdient een nationaal pijnplan, en de miljoenen mensen met chronische pijn verdienen overheden die hen ernstig nemen”, besluit dr. Gilbert Bejjani, secretaris en penningmeester van APSAR.

BRON: www.despecialist.eu

2 gedachten over “Pijnartsen roepen op tot nationaal plan”

  1. Ik ben zelf eigenlijk al heel mijn leven chronisch pijn patiënt. Een immense zoektocht nog steeds naar professionelen die openstaan voor je verhaal. Ik ben nu 65j.
    Ik vind het dus een schitterend plan!

  2. Strak plan waar zeker iets moet mee gebeuren. Hopelijk wordt er dan ook is naar jullie geluisterd. Want dat is nog steeds iets wat wij pijn patiënten missen.
    Ben 55 jaar heb al 34j de zelfde werkgever en door een stom werkongeval zit ik nu met chronische pijn.
    Zit al 3 jaar met deze pijn en de verzekering van het werk die niet gelooft dat ik zoveel pijn heb door het ongeval wilde niet meer betalen voor mijn kosten! Nu zit dit bij de rechtbank al 3 jaar en wacht ik op een uitspraak. ondertussen is er ook PTSS vastgesteld dat maak de pijn ook niet gemakkelijk. Ik probeer mijn werk te blijven doen en heb dit ondertussen kunnen opbouwen op die 3 jaar tot 60% , dit is echt het maximum dat nog lukt. Aan de buitenkant zie je niets aan mij das waar! Weet niet wat ik nog meer kan doen dan volhouden en hopen dat ze mij ook ooit echt gaan geloven.
    IK hoop daarom mee dat de regering eindelijk ook eens naar jullie willen luisteren in plaats van alle pijn patiënten direct terug voltijds naar de werkmarkt te sturen.

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *